Zeven hotspots van Dokkum

Dokkum is een stad bomvol historie. Onderstaande momenten zijn bepalend geweest voor de ontwikkeling van Dokkum.

Bonifatius 794
Bonifatius, zijn echte naam is Winfried, wordt in 672 geboren in Crediton in Engeland. Al jong weet hij dat hij het woord van God wil brengen. Hij stelt alles in het werk om op missie te kunnen. In 716 gaat hij voor het eerst naar Friesland. Maar vanwege de politieke situatie keert hij zonder veel succes weer terug. 

De jaren erna legt hij vanuit Fulda (Duitsland) het fundament voor nagenoeg de hele Duitse kerk. Hij wordt aartsbisschop op diverse plaatsen, maar dat is voor hem niet genoeg. Bonifatius wil de weerbarstige Friezen tot inkeer laten komen en gaat daarom opnieuw op missie. 

In 754 gaat hij naar een, door hem zelf aangekondigd, doopfeest in de buurt van Dokkum. Onderweg komt hij echter lieden tegen die zich niet willen laten bekeren. Bonifatius en 52 metgezellen worden gedood. Er bestaat echter twijfel over de manier waarop. Sommigen zeggen dat Bonifatius werd overvallen: moord dus. Anderen vertellen over een openlijk gewapend treffen. Dan zou er sprake zijn van doodslag. Hoe dan ook, Dokkum is de plaats delict.

Als eerbetoon aan Bonifatius wordt in 1934 de Bonifatiuskapel gebouwd. Voor de kapel ligt een waterbron. Men zegt dat het water een geneeskrachtige werking heeft. Baat het niet, dan schaadt het niet!

Meer weten over Bonifatius? 
 
Stadsrechten 1298
Graaf Jan I van Holland is landheer van Dokkum en omgeving. Zoals het een echte landheer betaamt, krijgt hij regelmatig verzoeken van diverse pluimage om over zijn grond te mogen reizen. Een veilige en vrije doorgang van handelaren wordt er doorgaans gevraagd. Zo ook op 23 februari 1298. Dat met deze brief geschiedenis wordt geschreven, kan Jan die dag niet bevroeden. De brief is namelijk medeondertekend door het stadsbestuur van Dokkum. Dit bewijst dat Dokkum als stad wordt gezien. De vierde stad van Friesland welteverstaan. 

Wanneer Dokkum precies de bijbehorende stadsrechten krijgt, is niet bekend. Dat ze voor grote welvaart hebben gezorgd, is echter een feit! Wetgeving en rechtspraak, tolrecht, bouw van verdedigingswerken en het marktrecht zorgen ervoor dat Dokkum opbloeit. Ook nu plukt Dokkum hier nog steeds de vruchten van: elke woensdag is er in de Grote Breedstraat een weekmarkt. Naar verluid is het zelfs één van de oudste weekmarkten van Nederland! 

Pas in 1610 wordt dit stadhuis gebouwd als heus prestigeobject; het zou en moest wedijveren met de stadhuizen van Franeker en Harlingen. Nu, 400 jaar later, wordt het gebouw nog steeds gebruikt door het bestuur van Gemeente Noardeast-Fryslân. Deze gemeente bestaat naast Dokkum ook uit 51 dorpen en 63 buurtschappen. ‘Samen, persoonlijk en in de buurt’.

Meer weten over de stadsrechten?
 

Bolwerken 1582
Op 7 april 1581 geeft Prins Willem van Oranje een opdracht waarvan Dokkum nog steeds veel profijt heeft. De prins wil namelijk dat er rondom Dokkum een zeshoekig verdedigingswerk wordt aangelegd. Zes uitspringende verdedigingswerken, een gracht van 24 meter breed en ruim vijf meter hoge vestingwallen moeten Dokkum beschermen tegen de vijand. Maar al wat er gebeurt, een aanval blijft uit. 

Gelukkig maar! Want nu genieten bewoners en bezoekers dagelijks van het puntgave verdedigingswerk. Een wandeling over deze bolwerken van 2,4 kilometer is een populaire activiteit met diverse bezienswaardigheden, zoals de molens Zeldenrust en De Hoop, de vier toegangspoorten, kanonnen uit de 19e eeuw en prachtige doorkijkjes.

Op het Baantjebolwerk staat de molen Zeldenrust. Gebouwd in 1862 als koren- en pelmolen.  Op het Zuiderbolwerk staat korenmolen De Hoop uit 1849. Beide monumenten zijn zeer fotogeniek. Ga hiervoor wel de binnenstad uit want aan de andere kant van het water schiet u het beste plaatje. Hoort u echter om 21.50 uur de klokken luiden? Let dan goed op! Het klokgeluid is een herinnering aan vroegere tijden. “Nog 10 minuten! Binnenkomen! De stadspoorten gaan dicht!”

Meer weten over de bolwerken?
 

Admiraliteit 1597
In 1597 vestigt de admiraliteit in Dokkum. Hun taak? Het uitrusten en bemannen van zeeschepen ter verdediging van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Kapitein Theunis Wolterz wordt in 1607 gevraagd om zich te voegen bij de Nederlandse vloot. Mét het vlaggenschip van de Dokkumer admiraliteit: De Friesche Pinas. Theunis zeilt met zijn bemanning richting Spanje waar hij deelneemt aan de slag bij Gibraltar. 

De Nederlandse vloot behaalt de een grote overwinning. Theunis en zijn bemanning zijn erg succesvol. Ze maken een Spaans schip buit! Terug in Dokkum wordt de kapitein beloond met een nieuw arbeidscontract en 50 carolusgulden.

Enkel jaren later, in 1618, verhuist de admiraliteit naar een pand aan de Diepswal. Op de locatie waar nu Museum Dokkum en een Toeristen Informatiepunt zit. Alhoewel slechts een klein deel van het huidige pand nog authentiek is, herinnert het aan de welvarende periode. De admiraliteit brengt namelijk werkgelegenheid, bedrijvigheid en faam.  

De vreugde blijkt echter van korte duur: de verbinding met zee slibt dicht. Dokkum verliest de belangrijke toegang tot zee en de admiraliteit verhuist in 1645 naar Harlingen. Mensen zoals Theunis verhuizen mee of worden werkeloos. Een nieuw tijdperk breekt aan: ‘arm Dokkum’.

Meer weten over admiraliteit?
Bierbrouwerijen 1705
Aafke Jelles koopt in 1705 het pand aan de Diepswal (nu nummer 15) voor een bedrag van 1029 carolusgulden. Op deze plek maakt ze samen met haar man Hoite Douwes bier in de brouwerij ‘Het Half Maentje’. Het pand wordt beschreven als ‘een heerlijke huisinge, brouwerie en bierhuijs’ en is al sinds 1625 in gebruik als brouwerij.

Het is onduidelijk of de putstoel, die voor de brouwerij aan het Grootdiep staat, ook in haar bezit komt. Deze bierpaal put het schone water, van de Bonifatiusbron uit een waterschuit. Via een goot hoog over de straat wordt het water naar de brouwketels in de brouwerij geleid. Vanwege dit proces is bier gezonder dan oppervlakte- of putwater. Bier is daarmee het meeste genuttigde drankje van die tijd. In de hoogtij dagen zijn er maar liefst negentien brouwerijen in Dokkum!

Aafke is een ondernemende vrouw. In 1715 verkoopt ze de brouwerij, het huis en de inboedel, waaronder vaten, ketels, een koelbak en kannen, aan Jan Jansen voor een bedrag van 1475 carolusgulden. Tien jaar na de aanschaf verdient de slimme onderneemster ruim 400 carolusgulden. Een fortuin in die tijd! 

Na een lange periode zonder bierbrouwerijen in Dokkum, zijn er nu weer twee brouwers actief: Brouwerij Dockum aan de Koophandel en Stadsbrouwerij Bonifatius aan de Diepswal 5. Ruim 300 jaar verder en slechts enkele panden verderop herhaalt de geschiedenis zich. Ter ere hiervan is in 2020 deze putstoel geplaatst. De enige van Europa! Dat verdient een toost: Tsjoch!

Meer weten over bierbrouwerijen?
 
Elfstedentocht 1909
Vroeg in de ochtend van 2 januari 1909 arriveren rijders van de allereerste Elfstedentocht in Dokkum, waaronder Minne Hoekstra uit Wergea. De eerste edities van deze legendarische schaatstocht gaan namelijk ‘om de Noord’. Dit keerpunt in Dokkum is de eerste stempelpost. 

Vanwege de invallende dooi wordt de tocht in 1909 drie dagen eerder gereden dan aangekondigd. Toch zijn er veel schaatsers die het niet aandurven. Slechts 23 rijders verschijnen aan de start in Leeuwarden. De voorzitter waarschuwt hen: “Doe in het begin kalm aan, want wie het eerst in Dokkum is, zou weleens het laatst in Stavoren kunnen zijn.”

Minne Hoekstra neemt dit advies ter harte en komt als middenmoter aan in Dokkum. Tijdens de tocht spaart hij zijn krachten, zodat hij vlak voor de eindstreep kan versnellen en na 13 uren en 50 minuten als eerste in Leeuwarden aankomt. 

Het keerpunt in Dokkum is nog steeds één van de meest markante punten van de Elfstedentocht. De bankjes op de kaden symboliseren de draai die schaatsers hier moeten maken. Sinds 1929 is Dokkum de laatste stempelpost. De reden? Veiligheid. Rijders kunnen verdwalen op de Friese Meren in het donker.  

Inmiddels wacht iedereen al sinds 1997 op de 16e Elfstedentocht. Alles wordt eraan gedaan om ijsgroei te bevorderen. Zo mogen hier in het Kleindiep ’s winters geen schepen liggen. Friesland, of misschien wel heel Nederland, kan namelijk niet wachten tot het legendarische spektakel weer plaatsvindt! It giet oan!

Meer weten over de elfstedentocht?
IJsfontein 2019
In 2015 ontwerpt Birthe Leemeijer de ijsfontein voor Dokkum. Een cadeau omdat Leeuwarden-Fryslân in 2018 Culturele Hoofdstad van Europa is. Alle elf steden in Friesland krijgen dit geschenk vanuit het project 11fountains. 

Wat Birthe echter niet kan vermoeden, is dat deze gift nogal wat stof op zal doen waaien. Met bijna een jaar vertraging wordt de fontein begin 2019 geplaatst. Als laatste van alle 11 fonteinen. Dit komt deels door het ontwerp, deels door de techniek en deels door de herinrichting van de markt.

Als Birthe haar kunstwerk na lang wachten eindelijk werkend ziet, is ze is meer dan dankbaar. De gebogen vormen, de koelleidingen aan de binnenkant en manier van solderen: het is een meesterwerk geworden! 

De ijslagen worden gevormd door het spel van de elementen en de beschikbare zonne-energie. Het symboliseert de (kwijtgeraakte) verbinding tussen mens en natuur, de veranderingen in het klimaat en het uitblijven van de Elfstedentocht. 

Door het ijs is de fontein geen dag hetzelfde. En juist dát maakt het een fantastische blikvanger voor Dokkum, een bruisende stad waar we graag eerst nadenken voordat we iets doen. Al het goede komt langzaam.

Meer weten over de IJsfontein?